Geplaatst: 19-5-2012
1668 keer gelezen
Orthopedisch chirurg
Mijn moeder kwam uit Ierland. Tot mijn 21e heb ik zo ongeveer iedere kerst en iedere zomervakantie in Ierland doorgebracht. Ook nu kom ik er nog heel vaak. Ik ben geboren in Rotterdam en opgegroeid in Brabant.
Al heel jong wist ik dat ik geneeskunde wilde studeren, al had ik daar niet zoveel voorbeelden van in mijn familie. Aanvankelijk dacht ik daarbij aan huisarts, maar daar was een lange wachtlijst voor. Intussen deed ik een rondje assistentschappen in Rotterdam, Heerlen, Sittard en Maastricht bij Chirurgie en Orthopedie. Dat laatste vak trok mij toch ook wel erg aan. Na vier jaar kreeg ik een opleidingsplaats bij Orthopedie én werd ik toegelaten tot de huisartsenopleiding. Voor de zekerheid ging ik nog even langs bij de huisartsenopleider, maar die zei al na drie zinnen: ”Jij hoort bij orthopedie.” Ik heb een praktische inslag en ben graag met mijn handen bezig.
Orthopedie gaat over het steun- en bewegingsapparaat. Ik richt mij vooral op de sportgeneeskunde en de traumatologie, dat wil zeggen het behandelen van letsels als gevolg van een ongeval. Binnen de orthopedie hebben ook de subspecialisaties hun intrede gedaan. Sommige orthopeden behandelen vooral de schouder, elleboog of pols, anderen de wervelkolom. Ik doe vooral heupen, knieën en enkels. Prothesiologie oftewel het inzetten van een knie- of heupprothese vind ik leuk, omdat je dan vaak wat langer contact hebt met een patiënt.
Ik ben verder medisch directeur van het SportMedischCentrum JBZ, waar we samen met de sportartsen en de fysiotherapeuten garant staan voor een optimale medische begeleiding van de sporter. Sinds anderhalf jaar zit het SportMedischCentrum in FlikFlak en zijn we in de race om een Topsportmedisch Centrum te worden. Daarvan komen er een paar in Nederland om de sportbegeleiding op Olympisch niveau te brengen. Thialf is hét centrum voor schaatsen, Eindhoven voor zwemmen en wij zijn dat voor turnen. Er zijn al eerder plannen geweest voor dergelijke Olympische steunpunten, maar die bleven steken op papier. Nu gebeurt er echt wat om topsporters goed te faciliteren. Verder proberen we in een project als Clubzorg ook het sporten in de breedte te stimuleren. We geven onder andere voorlichting en begeleiding aan lokale sportclubs om blessures te voorkomen.
Als secretaris van de Nederlandse Orthopeden Vereniging zet ik me in voor het vak orthopedie. Onlangs hebben we flink het nieuws gehaald door aandacht te vragen voor het gebrek aan opleidingsplaatsen. Een toenemend aantal mensen heeft behoefte aan nieuwe knieën en heupen en daar zijn anders straks te weinig dokters voor. Om de orthopedie op een positieve manier op de kaart te zetten, geven we een blad uit ‘Zorg voor beweging’ en hebben ook een website met die naam, waarin we laten zien wat de orthopedie kan betekenen voor de patiënt. Als dokters treden we meer naar buiten en dat is een goede zaak. Preventie en een gezonde levensstijl bevorderen hoort hier ook bij.
Investeren in kwaliteit van zorg vinden we ook belangrijk. Zo hebben we hard gewerkt aan het opzetten van een registratiesysteem voor heup- en knie-protheses. Wanneer een prothese wordt vervangen, wordt de database bijgewerkt. Daardoor ontstaat over een groot aantal jaren inzicht in hoe lang bepaalde protheses meegaan, en hoe ze zich houden. Stel dat een bepaalde prothese een mankement blijkt te hebben, zoals nu bij het gaspedaal in een Toyota-auto. Dan zou je al die patiënten kunnen opsporen en oproepen, net als bij een recall-actie voor auto’s of babyvoeding. Vroeger hadden we geen idee waar al die protheses gebleven waren, nu wordt dat allemaal netjes in kaart gebracht.
Sport neemt een belangrijke plek in in mijn leven. Zo ben ik clubarts van het dameshockeyteam van HC Den Bosch. Dat geeft ook veel contacten met de staf van het Nederlands team. Verder ben ik manager van het jongenshockeyteam A1, waar mijn zoon ook in speelt. Al onze vier kinderen hockeyen. Ik ben betrokken bij de medische begeleiding bij diverse wielersportevenementen, zoals de Amstel Gold Race en de hel van het Mergelland. Daarnaast ben ik consulent bij FC Den Bosch, voetbalclub Schijndel en rugbyclub de Dukes. Erg leuk allemaal. Zelf heb ik veel gerugbyd, maar daar moest ik door een kruisbandblessure mee stoppen. Nu doe ik alleen nog af en toe aan tafeltennissen.
Het Jeroen Bosch Ziekenhuis is één van de grotere ziekenhuizen in de regio, dat nog veel meer dan nu een centrumfunctie zou moeten krijgen. We moeten er samen voor gaan om heel goed te worden op een aantal gebieden. Als onze urologen terecht voor hun prestaties in de schijnwerpers staan, ben ik trots op het JBZ. Zo hoop ik ook, dat we over een tijdje met zijn allen trots kunnen zijn als ons sportmedisch centrum wordt aangewezen als topsportmedisch centrum.
16 maart 2011